Recensie | Welbestede Kluunmiljoenen | Over Coupé No 6  van Rosa Liksom

Twintig jaar geleden was er al sprake van dat er een boek van de Finse Rosa Liksom zou worden vertaald in het Nederlands. Roland Fagel legt uit waarom dat toen niet doorging en waarom het goed is dat Coupé No 6, over een mooie Finse en een ruwe Rus, wel in Nederland is uitgebracht.

Ook een slimme jonge vrouw heeft soms een brute beestman nodig om haar nobele idealen te realiseren.

Ook een slimme jonge vrouw heeft soms een brute beestman nodig om haar nobele idealen te realiseren.

Een wonder is geschied. Er is een boek van Rosa Liksom vertaald in het Nederlands. Wie het Fins niet machtig was, kon tot nu toe van haar boeken genieten in onder andere het Frans, het Duits of het Engels, maar wie zijn literatuur het liefst nuttigt in de moerstaal – en daar zijn goede redenen voor, we zijn bovendien gezegend met een fors aantal weergaloze vertalers– moest het tot nu toe zonder haar doen. En ja, dat was een gemis. We zijn een groot auteur rijker in ons taalgebied en dat is reden om de vlag uit te steken. Zelfs al blijft het, wat natuurlijk niet te hopen is, bij dit ene boek, dan nog kunnen onze eigen jonge schrijvers in de dop, de toekomstige Worteltjes en Wieringaatjes, hier straks hun voordeel mee doen. Want jonge schrijvers moeten vooral veel vertaalde literatuur lezen, en zo min mogelijk werk van eigen bodem. Anders kweken we inteeltproducten zoals Ronald Giphardt, die op te jonge leeftijd een overdosis Jeroen Brouwers en Geerten Meijsing heeft weggeschrokt, en daardoor te weinig Machado De Assis, Jan Potocki, Barbara Pym, Virginia Woolf en Eduard Limonov heeft genuttigd, waardoor zijn onmiskenbare talent nog niet de rijke vrucht heeft gedragen die het in zich bergt. Maar wat niet is, kan nog komen! In ieder geval gaat namens de toekomstige schrijversgeneraties de dank nu al uit naar vertaalster Annemarie Raas, die een tekst heeft geproduceerd waar geen woord vertaliaans in te ontwaren valt.

Coupé No 6 is een soort Lost in translation in de toendra, een onverwachte ontmoeting tussen twee  mensen die elkaar op het eerste gezicht niets te melden hebben. In de nadagen van het Sovjet-imperium stapt een jonge Finse studente in de Transsiberië Express naar Mongolië. Haar compartiment deelt ze dagenlang met een stinkende vieze Russische bouwvakker die permanent wodka zuipt en te pas en te onpas vuile taal uitslaat van het slag Mijn lieve kleine hoer, als ik wilde zou ik mijn pik net zo gemakkelijk bij je naar binnen kunnen rammen als in een klodder gelei. Bij aankomst in Ulaanbataar ligt het monster zijn roes uit te slapen. Deze losbol is zo zwaar als een grafzerk luidt het commentaar van de wagonbeheerster. En toch groeit er natuurlijk iets moois tussen de jonge en intelligente Finse beauty en het brute Russische beast. Verder is de ontknoping verrassend, even verrassend als die tussen Scarlett Johansson en Bill Murray in de genoemde film van Sofia Coppola. Met in dit geval een mes in de hoofdrol.

De avonturen van dit curieuze duo in de Siberische oorden van ijs, vuil, smurrie en ellende leveren een adembenemende railroadnovel  op. Geregeld blijft de trein uren of zelfs dagen staan omdat de locomotief even moet ‘uitrusten’. Dit biedt de reizigers de gelegenheid om verse proviand in te slaan. Hij kocht een bevroren meloen, Anna een verkleumde appel vol vlekken. Of het levensverhaal te gaan aanhoren van een oud omaatje, dat koolpastei met al te veel karwij serveert en een grote kom boekweitpap en een pan dampende vettige borsjtsj.

Wat maakt Coupé No 6 nu tot Zulke Grote Literatuur? Is het de rijke en beeldende maar ook bijna gure stijl waarin al die Siberische steden, landschappen en mensen worden opgeroepen? Dat speelt een grote rol. Is het de historische sensatie van het reizen door een wereldrijk in ontbinding, zoals de Sovjet-Unie destijds was? Natuurlijk, wie van Imperium van Kapuscinski heeft genoten renne meteen naar de boekhandel. Is het de terloopse, bijna achteloze manier waarop het ontstaan van een band tussen beide protagonisten wordt aangeduid? Zeker en vast. Is het de wijze moraal van het verhaal, dat ook een slimme en knappe jonge vrouw soms een brute beestman nodig heeft om haar hogere en nobele idealen te realiseren? Ik zal het niet tegenspreken. Maar volgens mij is het dit. Rosa Liksom is van nature een verhalenschrijfster. Haar eerste roman gold na een aantal superieure verhalenbundels als een tegenvaller. Met Coupé No 6 is ze er voor het eerst in geslaagd het geconcentreerde gehalte van haar verhalen vol te houden in een langere vorm. Het boek heeft de dichtheid en de elegante, simpele, gesloten structuur van een kort verhaal, maar wel de lengte van een roman. Rosa Liskom heeft kortom iets gedaan wat eigenlijk niet mag. En het is haar gelukt. Iets wat echte verhalenschrijvers als Biesheuvel en Hotz nooit voor elkaar hebben gekregen. En Tsjechov al evenmin. Coupé No 6 leest als een roman. Echt waar. En het snijdt even diep als een verhalenbundel.

Het is daarom ook wel te begrijpen dat Liksom pas met dit boek is opgenomen in de literatuur in het Nederlands. Verhalenschrijvers trekken doorgaans aan het kortste end in het woeste gedrang van het grote vertaalgevecht. Uitgevers denken dat lezers uitsluitend willen betalen voor romans. En geheel ongelijk hebben ze daar natuurlijk niet in. Hoeveel verhalenbundels halen de CPNB topzestig?

Twintig jaar geleden was Liksom al bijna tot ons gekomen. In zijn laatste jaar bij De Arbeiderspers stelde Theo Sontrop voor om haar verhalenbundel Zwarte paradijzen uit te brengen. Zijn opvolger Ronald Dietz kreeg echter de geniale inval het boek als een soort ondertitel de kreet een rijgsnoer van verhalen mee te geven, waarna het plan verzandde.

De redding komt nu uit onverwachte hoek. Uitgeverij Podium beperkt zich bij vertalingen meestal tot veilig en vertrouwd terrein als Israel, Zuid-Afrika en andere semi-Engelstalige gebieden. Wij mogen Kluun er dan ook dankbaar voor zijn dat hij er bij zijn uitgever hoogstpersoonlijk op heeft aangedrongen een deel van de Kluunmiljoenen aan te wenden om het werk van deze Finse meestervertelster in het Nederlands uit te brengen. Hulde! En laten we afspreken dat Podium ons voortaan bij elke honderdduizend verkochte exemplaren van Kluun een nieuw boek van Liksom schenkt. Noblesse oblige.

Roland Fagel is literair vertaler en jongste winkelbediende bij antiquariaat Hinderickx & Winderickx.

liksom
 
Coupé No 6 van Rosa Liksom is uit het Fins vertaald door Annemarie Raas en in 2012 verschenen bij Podium. Om de beschrijving te lezen of het te bestellen, klik hier.
 

Share Button