De redding van de Nederlandse literatuur

Trendonderzoeker en speltheoreticus Rick Faber laat in zijn nieuwste boek zien dat het weinig had gescheeld of de Nederlandse literatuur was twintig jaar geleden zo in de verdrukking gekomen, dat het misschien nooit meer goed gekomen was. door Roos Geerse

origineel omslag van Alles wat er was van Hanna Bervoets, volgens Rick Faber een van de invloedrijkste literaire genreromans

origineel omslag van Alles wat er was van Hanna Bervoets, volgens Rick Faber een van de invloedrijkste literaire genreromans

Vooral oudere reviewers klagen nogal eens over onze veranderde leesgewoonten. Ze denken dat de interesse voor goede boeken van eigen bodem aan het verdwijnen is door het salonfahig worden van het genreboek. Ze kunnen zich ook niet voorstellen dat mensen liever de adviezen volgen van hun Sem, dan dat ze gaan browsen om een boek te vinden. Sommigen zijn er nog niet eens aan gewend dat mensen elkaar promo’s geven in plaats van fysieke boeken. Tegen al deze mensen zou ik willen zeggen, lees Het verleden en de toekomst van het Nederlandse boek van Rick Faber (binnenkort verkrijgbaar). Deze trendonderzoeker heeft twee jaar lang de ontwikkelingen in het boekenvak bestudeerd en daarbij ontdekt dat de Nederlandse literatuur twintig jaar geleden inderdaad bijna het loodje had gelegd. Maar dat had dus niets te maken met de opkomst van het genreboek!

Anno 2048 kunnen we het ons niet meer voorstellen, maar dertig jaar geleden waren boeken niet alleen duur, zelfs de digitale, de mensen lazen ook minder en schrijvers konden slechts met de grootste moeite rond komen. Een aantal middelgrote uitgeverijen heeft toen geprobeerd een pay per view systeem in te voeren. Het idee was dat je als lezer een maandelijks voorschot betaalde en aan het eind van het jaar bij de definitieve afrekening geld terugkreeg of moest bijbetalen. Dat zou het beste zijn, voor zowel schrijvers als uitgevers, en zo een divers boekenaanbod garanderen. Bij het alternatief, een all you can read systeem, zouden mensen elkaar immers geen boeken meer cadeau kunnen doen, en dat zou het einde geweest zijn van de Nederlandse literatuur. De reactie van de andere uitgeverijen was typisch. Een aantal interesseerde het niet, een aantal was tegen, en een aantal was voor, maar sloot zich toch niet aan bij het initiatief. Waarop Amazon er met het been vandoor dreigde te gaan. Faber, van huis uit speltheoreticus, laat zien dat dit vrijwel zeker zou hebben geleid tot een verschraling van het aanbod. Het kleine BuKo wist echter op tijd de verzamelde uitgeverijen achter zijn plan te krijgen voor een all you can read systeem met credits waarmee mensen contentmakers konden steunen, de abonnementen bij de bibliotheek werden inkomensafhankelijk gemaakt, de promo werd een gewaardeerd cadeau, een teken dat je je best had gedaan een boek te vinden waar de ander blij van zou worden, en de rest is geschiedenis. (Natuurlijk duurde het nog wel tot de overgang tot de bemiddelingseconomie voor schrijvers en andere makers zeker zouden kunnen zijn van een normaal inkomen, maar dat geldt nu eenmaal voor bijna elke beroepsgroep.)

Faber maakt in zijn boek ook nog aannemelijk dat de verbetering van de zoekmachines en de opkomst van de genreboeken mogelijk nivellerend hebben gewerkt, maar dat mensen daardoor tevens betere boeken zijn gaan lezen en uiteindelijk ook niet minder gevarieerd. Doordat ze boeken kunnen zoeken op criteria als stijl, setting, de mate waarin er seks voorkomt enzovoort, vinden en lezen mensen nu boeken waarvan ze vroeger niet eens in de buurt waren gekomen. Daarbij hebben de inspanningen die de uitgeverijen en anderen hebben geleverd om de kwaliteit van de genreboeken te verhogen gewerkt. Overigens noem ik ze nu wel boeken, maar eigenlijk zijn het natuurlijk meer sites, of universums, zoals de fans ze noemen. En ja, veel fans lezen vooral publicaties in het genre van hun voorkeur. Maar de boeken die in hun kring boven komen drijven zijn meestal ook interessant voor lezers buiten hun kring en worden dan ook veel breder gelezen. En ja, daardoor lezen de mensen die twee decennia geleden vooral literaire romans zouden hebben gelezen nu ook science fiction. Maar als een boek je uitdaagt, goed geschreven is, ontroert, maakt het dan nog wat uit of het behoort tot een bepaald genre?

Het Nederlandse boek gaat wel verdwijnen. Ook dat heeft Faber onderzocht, al krijg je de indruk dat hij van tevoren al wist wat de uitkomsten van dat onderzoek zouden zijn. De druk op onze taal is nu eenmaal enorm en dat betekent dat hij, zoals elke taal waaraan geen behoefte meer is, wel verdwijnen moet, waarmee ook onze literatuur zal ophouden te bestaan. Mensen zullen gaan schrijven in het Engels, niet omdat ze zich daartoe gedwongen voelen, maar omdat ze gewend zijn zich in die taal uit te drukken. Ook hierover zullen reviewers klagen, dat doen ze nu al. Maar, zo laat Faber zien met enkele aansprekende voorbeelden, talen gaan in elkaar op. Daar doe je niets aan, en het is ook niet erg.

steun ons en bestel via bb bij bol, ebook.nl of bruna

Share Button

geef een reactie