Grafisch ontwerper Ron van Roon | Het leuke bij Grunberg is ook dat we daarbij de lat voor de kijker heel hoog leggen

foto: Claudia Kamergorodski

foto: Claudia Kamergorodski

Als een boek opvalt door het omslag is het in Nederland vaak een ontwerp van Ron van Roon (1953). Er is dan ook nauwelijks een uitgeverij waarvoor Van Roon niet gewerkt heeft. Hoe gaat deze ontwerper te werk en wanneer is volgens hem een omslag geslaagd? door Roos Geerse

bestekHet begint met een telefoontje van de uitgever en dan? Dan ga ik het liefst op bezoek met koffie. Ik zie mezelf als een winkel en vraag eerst wat men voor ogen heeft. Wat voor uitstraling moet het boek hebben? Ernstig of frivool bijvoorbeeld. En dan praten we door tot bij mij het kwartje valt. Ik heb daarvoor een soort interviewtechniek. Ik probeer de angel van het boek te ontdekken en als dat moeilijk is, stel ik een paar vervelende vragen. Of er in wordt geschoten of gezoend bijvoorbeeld, want daar komen meestal problemen van. En of het goed afloopt. De meeste goede boeken lopen niet goed af! Vaak kennen uitgevers me trouwens al. Dan zeggen ze bijvoorbeeld, het moet niet zoiets worden als wat je doet voor Grunberg.

Huid en Haar Paperback DEF.inddVertel eens wat meer over je Grunberg omslagen. Bij Huid en haar, zijn laatste roman, zei de uitgever Doe iets met een paard! Andere vormgevers zouden niet weten wat ze dan moesten doen, maar ik heb daar geen moeite mee. Ik heb per schrijver een ‘laatje’. Bij Grunberg gaat al mijn werk zitten in het beeld. Want een beeld is vaak snel bedacht, maar hoe maak je een leuk paard, dat tot nadenken stemt? Dan zit je aan de grens met de beeldende kunst. In zijn geval heb ik de toon gezet met het omslag voor Figuranten, met dat bestek. Toen dacht ik, zo ga ik het voortaan doen. Lastig, moeilijk, intrigerend. Het leuke bij Grunberg is ook dat we daarbij de lat voor de kijker heel hoog leggen. Wat kan die aan? Het etiketje met de titel is daarmee vergeleken simpel. Dat kost me niet meer dan een uur.

mooisteheupenKun je een voorbeeld geven van een omslag waarbij het beeld niet zo belangrijk was? Een voorbeeld van een typografisch omslag is Het meisje met de mooiste heupen van Ad Fransen over een man van mijn leeftijd die iets krijgt met een veel jonger meisje. Dan gaan ze ook nog samenwonen, en dan gaat het uit. Dat omslag heeft iets feestelijks, terwijl er ook iets kapot is. Het is tragikomisch, net als het boek. De eerste versie vond de uitgever alleen wel lastig lezen. Dus toen ben ik gaan knippen en plakken tot het goed was. Daar ben je altijd bang voor, he. Dat iets niet te lezen is.

Kun je het altijd eens worden met de uitgever? Het gebeurt wel eens dat een auteur iets in zijn hoofd heeft en de uitgever iets anders. Maar het grappige is, de auteur wordt pas op het laatst gevraagd wat hij vindt. Tot die tijd zijn het de uitgever en de vormgever die met elkaar stoeien. Je hebt ook wel eens dat de auteur op de stoel van de ontwerper gaat zitten. Dat is niet erg zo lang het goede ideeen zijn. Maar als het geen goed idee is, moet hij dat wel van me aannemen. En in uitzonderlijke gevallen geef ik de opdracht terug.

Wat is een misverstand dat veel mensen hebben als het gaat om omslagen? Dat ze het hele verhaal willen vertellen. Dat is geen goed plan.

Je werkt samen met Bart Rouwhorst. Kun je daar iets meer over vertellen? Ik werk graag met jonge mensen, zoals Bart dus. Bart is van 1980. We kijken wie wat het meeste ligt. Zo doet hij alle boeken van Paul Auster. Verder is Bart de enige die ik om zijn mening vraag. Crisis is het als hij het niks vindt. Dan maak ik het uit! Maar nee, ik maak ook wel eens fouten, en dan corrigeer ik dat. Collega’s die ik hoogacht vraag ik wel om hun mening, maar alleen achteraf. Toni Mulder, Frans Lases. Of we elkaar echt onze mening geven? Ja, hoor. Keihard!

Is het zo dat mensen je werk of mooi vinden of helemaal niks? Ja, zo is het! Heel veel uitgevers willen wat anders. Moeten zij weten. Ik wil dat je, als je een boek ziet liggen, zelfs als je allemaal problemen aan je hoofd hebt, denkt Hee, wat is dat? Net als in een museum. Ken je dat werk van Kapoor in de vaste collectie van De Pont? Je komt een ruimte binnen met alleen een ronde, zwarte vlek op de vloer, je kijkt erin en dan schrik je je dood, want dan blijkt het oneindig te zijn. Ook al weet je het van tevoren, dan nog schrik je je dood. En daarna, als je weer buiten bent, ben je ietsje veranderd. Kapoor speelt met je waarneming. Dat probeer ik ook, ja. Spelen met jou als kijker. Een omslag waar je je schouders bij ophaalt, dat is niet goed.

Laat je uitgevers kiezen uit verschillende ideeen? Ik geef ze altijd één idee, terwijl er vijftig in de computer zitten. En dat hemelen we dan op of branden we af. Teveel keuze is geen goed plan. Als je tien ideeen laat zien, komt er een schets 11.

damoklesKun je een omslag noemen waarbij het ontwerpen heel snel ging? Het nieuwe omslag bij De donkere kamer van Damokles was snel bedacht. Op de fiets! Ik zei tegen Bart Er moet iets met een oog, ik ging naar Stuttgart, waar ik elk jaar een week les geef, en toen ik terugkwam, was het klaar. Het was nog wel even spannend of het niet als eens gedaan was. Want dat het al bestaat, dat is erg! Dan staat de telefoon ook meteen roodgloeiend, terwijl als je iets moois hebt gemaakt, dan hoor je niks.

slashGebeurt het vaak dat je ontwerp ook gebruikt wordt voor de vertaling van een boek? In Noorwegen, hoorde ik niet zo lang geleden, gaan ze het ontwerp voor de Slash reeks van Querido overnemen. Maar dat is een uitzondering. Je hebt met culturen te maken. De Duitsers durven niet zoveel als de Engelsen en Amerikanen bijvoorbeeld. Laatst zag ik bij Athenaeum weer zo iets moois! Een omslag dat vol zat met elastiekjes. Daar ben ik wel jaloers op. Je kon nauwelijks de tekst lezen. De ontwerper had echt de grens opgezocht.

Je bent op je negende vanuit Canada naar Nederland gekomen. Dat waren ook verschillende culturen. Is dat nog van invloed geweest op je werk? Ik denk het wel. Mijn eerste kinderboeken waren allemaal Walt Disney. Grafisch heel sterk. Verder waren we de enigen met spijkerbroeken en T-shirts. Ze wisten niet wat ze zagen! En hier was geen televisie. In die zin ben ik wel anders opgegroeid. Maar ik weet ook nog dat mijn vader me op een dag een strip liet zien. Kuifje. Alsof alle ramen in mijn hoofd opengingen! Daarbij was hij journalist. Zo kreeg ik met de paplepel ingegoten dat je, als je iets duidelijk wilt maken, erom heen kunt dansen of meteen tot de kern kunt komen.

Je hebt zelf veel kunstboeken. Is er een kunstboek dat je mensen echt aan kunt raden? Ik heb net een heel mooi fotoboek gekregen. De galeriehouder Willem van Zoetendaal heeft een fotoboek uitgebracht over Koos Breukel, Being Dutch. Als je een portret wil, kun je kiezen tussen hem en nog een paar anderen. Heb je zo alles?

Nog één vraag. Hou je er bij het ontwerpen van een omslagen rekening mee dat ze vaak kleiner worden afgedrukt? Absoluut! Ik schets ze ter grootte van een postzegel. Ik heb eens een opdracht gekregen om postzegels te ontwerpen. Die schetste ik nog kleiner. Zo zie je of iets werkt!

Roos Geerse is de initiatiefnemer van Buzzboeken.

Share Button

geef een reactie