Jürgen Snoeren | fragment uit Zoek mij tussen de sterren

jurgen-snoerenJürgen Snoeren is niet alleen directeur van de nieuwe uitgeverij Link, hij is ook een liefhebber van science fiction en behaalde onlangs met zijn SF verhaal Zoek mij tussen de sterren de derde plaats bij de Paul Harland prijs. Hieronder leest u alvast een fragment. Het hele verhaal over Kya, een jonge vrouw met een ambitieuze missie, vindt u in het volgende nummer van het tijdschrift voor fantasy en  SF Wonderwaan.

***

‘Er is geen schande in nieuw maken uit oud,’ zegt Meester Bandas ni Zenit CK. Met een handig gebaar trekt hij met een smeltpen een haast onzichtbaar dunne verbinding tussen twee klasse II weerstanden op een circuit waar ze nu al enige dagen aan werken.
    ‘Dat is wat kennis verwerven is. Het oude uiteentrekken, ontrafelen en op een nieuwe manier weer in elkaar zetten.’
    Hij wijst naar het aan de muur boven haar werkbank hangende schema van het mechaniek dat hij haar heeft laten bouwen.
    ‘Kijk naar de verblindende eenvoud en logica van het ontwerp. Een combinatie van oude ontwerpen met hier en daar een vernieuwing die we gaan testen en die opgenomen gaat worden in het Compendium als het lukt. Precies zoals de leer ons voorschrijft.’
    Hij kijkt van het schema naar haar, met nog steeds geheven vinger. ‘En welke vernieuwing is dat, Kya?’
    Ze trekt een zuur gezicht. Bandas is een van de beste meesters in de wijk en ze mag blij zijn dat haar vader een positie bij hem heeft weten te verwerven voor haar. Klein en gedrongen met een kop vol grijs haar en al een leven lang een succesvol ontwerper die dozijnen ontwerpen aan het Compendium heeft toegevoegd. Als er iemand is die haar ontluikende talent voor circuits en schema’s kan doen opbloeien dan is hij het.
    Maar vermoeiend is het wel. Ze heeft de afgelopen dagen en nachten elk vrij moment met haar neus in het Compendium gezeten, de schema’s erin tracerend met haar vinger om ze te vergelijken met de kopie van het schema boven haar werkbank. Als ze haar ogen sluit, kan ze het nog zien, de wirwar van lijnen en symbolen, kruisverbanden en energielijnen. Ze kan elk onderdeel benoemen, zeggen welke effecten waar worden veroorzaakt, maar ze is er nog niet in geslaagd aan te geven welke verbeteringen Bandas zelf heeft aangebracht.
    ‘Nee, meester,’ antwoordt ze en prikt met haar vinger snel op drie gebieden op de tekening, donker van de complexe kruisverbanden die ze nog niet heeft weten te doorgronden. Ze wijst weerstanden aan, bepaalde verbindingen tussen stroomgebieden, zekere stroomvectoren.
    ‘Ik denk dat het in deze gebieden zit. De effecten lijken me… vreemd. Alsof… ze elkaar… opheffen? Of juist tegengestelde machinaties teweegbrengen? De energiepatronen lijken niet te kloppen… alsof de stroom er wel uitgaat, maar niet meer terugkomt…’
    Zodra ze de woorden uitspreekt weet ze wat ze gezegd heeft. Ze heeft zojuist de grote Bandas beschuldigd van niet-kloppende patronen. Een intensere belediging van een ontwerper is niet mogelijk.
    ‘Ik bedoel,’ stamelt ze, ‘Ik kon de moederpatronen niet vinden in het Compendium. Een paar lijken er sterk op, maar kloppen niet in de details…’
    Haar woorden sterven weg. Ze durft hem niet aan te kijken.
    Het is even stil.
    ‘Wat wil je precies zeggen?’ dringt Bandas aan. ‘Wees niet bang – het is de plicht van een goed ingenieur om het te zeggen als hij denkt dat de patronen niet kloppen.’
    Zijn stem klinkt vriendelijk met een spoor van verbazing.
    ‘Sterker nog,’ gaat hij verder, ‘het is van levensbelang! Levens hangen af van de intuïtie van een ingenieur!’ Hij legt zijn hand op haar schouder. ‘En jouw intuïtie lijkt me bovenmatig goed ontwikkeld. Dus vertel.’
    Ze voelt de spanning van het moment en aarzelt voordat ze spreekt. Ze weet dat veel zo niet alles afhangt van het antwoord dat ze zal geven.
    ‘Het hele ontwerp is nieuw!’ Ze schreeuwt het bijna, opgelucht om het vermoeden dat de afgelopen dagen langzaam bij haar is gerezen in woorden te kunnen vatten.
    ‘Het is een eigen ontwerp, een verzinsel. Speculatie! En de berekeningen kloppen niet…’
    Ze kijkt op en ziet zijn verbaasde gezicht, dat langzaam openbarst in een brede glimlach, ondanks het feit dat ze het s-woord heeft gebruikt. Opgetogen klapt hij in zijn handen.
    ‘Opmerkelijk!’ zegt hij. ‘Ongeëvenaard! Beter dan ik had verwacht.’
    Hij lacht als hij haar gezicht ziet. Ze voelt haar mond openhangen.
    ‘Meisje, je hebt mijn verwachtingen overtroffen.’
    Hij draait haar langzaam om totdat ze weer naar het schema aan de muur kijken.
    ‘Laat ik je eens vertellen over spookcircuits…’

***

Jürgen Snoeren (1972) studeerde literatuurwetenschap aan de Universiteit van Tilburg. In 1998 ging hij werken bij J.M. Meulenhoff, eerst als redacteur, daarna als uitgever. Nadat hij bij deze uitgeverij het digitale fonds had opgezet, werkte hij nog enige tijd bij Elsevier als marketing manager e-boeken, om in januari 2013 samen met Maritge Wielaard te beginnen met de algemene uitgeverij Link.

Share Button

geef een reactie